Datum: 20-05-2019 - 10:44
05
me
'12

Korte krantenberichten uit de geschiedenis van de Piet Gijzenbrug.

Het zal niet lang meer duren of het verkeer gaat voor maanden hinder ondervinden bij het vervangen van de Piet Gijzenbrug. Nu is dit niet de eerste keer want in de loop der tijden, zijn er al drie bruggen gebouwd over de huidige Leidsevaart bij Piet Gijs. De vaart, in een jaar tijd (1654) gegraven van Leiden naar Haarlem,...

werd grotendeels gebruik gemaakt van bestaande weteringen zoals De Zwet (Zwetterpolder) en de Hooge Veenen oftewel de Hogeveense polder (beiden met molen). In deze oude weteringen was er al voor Jacoba van Beieren als bewoonster van kasteel Teilingen al een dam gelegd om deze wetering over te steken. Des Graven dam en de ‘s Gravendamseweg herinneren nog aan de tijd dat Jacoba met haar gemaal Frank van Borselen, ter jacht ging naar “des Graven Wildernisse’ in Noordwijkerhout.

 

Peter Warmerdam vertelt over de Piet Gijzenbrug:

In 1507 blijkt uit een oude akte dat hier Piet Gijzenszoon een stukje land bewerkte nog voor er sprake was van de huidige brede Leidsevaart, gegraven als verbinding tussen Leiden en Haarlem.

 

Vanaf 1645 was “de Piet Gijs” en zijn omgeving een pleintje, met reuring rond de trekschuit. Een vrachtscheepje met koopwaar ligt aangemeerd bij de winkel van Jan van Schoten. In de herberg aan de andere kant van de ’s Gravendamseweg is het gezellig druk en het bier vloeide er rijkelijk. De reizende kooplui uit de trekschuit genieten van een welverdiende warme maaltijd terwijl de plaatselijke buurtbewoners zich lachend vermaken aan de biljarttafel. In 1839 reed de eerste trein tussen Haarlem en Leiden en stopte bij de halte Piet Gijzenbrug. Een stopplaats voor Noordwijkerhout, Noordwijk en Sassenheim, na de tweede oorlog werden de perrons weinig meer gebruikt.

Nieuwe brug in 1910:
In januari 1910 besloot de gemeenteraad van Leiden (eigenaar van de Leidsevaart) dat er iets gedaan moest worden aan de slechte staat van de brug. Waarschijnlijk is het vervoer met zandbakken de oorzaak. Het westelijk bruggenhoofd is door het wegzuigen van het zand aan het scheuren en zou het instorten van de brug het gevolg kunnen zijn. Een tijdelijke oplossing van nog geen duizend gulden werd niet geaccepteerd en wilde men overgaan tot volledige vernieuwing van de brug. Op 16 maart 1911 besluit het gemeentebestuur van Leiden tot vernieuwing van de brug met de restrictie dat dit maximaal f 14.000 zou mogen kosten. Twee maanden later wordt door Leiden aan meerkosten ca f 2500 gereserveerd. Over verkeersstremmingen is in de bouwperiode niets vermeld, maar ja alles ging nog te voet of trekschuit. Een loopbrug voor de voetgangers loste alle vervoersproblemen op.

 

Verkeersongeval. (Leidsch Dagblad 19-3-1910)
De groentekoopman A. de W., ging voor het eerst naar de veiling in Leiden en was gezeten op een nieuwe hondenkar met twee mooie trekdieren bespannen. Of hij zijn nieuwe voertuig nog niet voldoende meester was, dan dat hij teveel aandacht schonk aan zijn vrouwtje, dat hem met welgevallen naoogde, is niet bekend. In ieder geval namen de honden plotseling zo’n vreemdsoortige draai, dat de hele equipage met bestuurder en al ondersteboven rolde. Gelukkig liep alles nog goed af.

 

Brand. (Leidsch Dagblad 11-5-1911)
Vlakbij Piet Gijzenbrug in deze gemeente, brak gistermiddag een felle brand uit bij de landbouwer A. v.d. Slot. De brandspuit was spoedig aanwezig en gelukkig was met de vlammen spoedig meester. Vooral voor de familie v.d.Slot was het een vreselijke ontsteltenis, te meer, daar men juist bezig was aan de toebereidselen voor de bruiloft der dochter, die heden donderdag in het huwelijk trad.

 

Dubbel ( Leidsch Dagblad 20-9-1920)
Een Schipper van Piet Gijzenbrug, die wat te diep in het glaasje gekeken had, ging dronken in een schuitje van de zweefmolen staan. Onder de rit viel hij naar beneden en brak een rib.

Verloren. ( Leidsch Dagblad 14-4-1925)
Advertentie:  Verloren te Noordwijkerhout, een zilveren Rozenkrans in etui gaande van de St Victorkerk naar Piet Gijzenbrug. Tegen beloning terug te bezorgen bij S. Warmerdam, Piet Gijzenbrug.

 

Woningnood. (Leidsch Dagblad 22-7-1925)
De in de omtrek zo algemeen bekende 65-jarige bloemenverkoopster, weduwe Ruigrok aan Piet Gijzenbrug, werd, wegens verkoping, gedwongen haar huisje te verlaten. Daar de woningnood hier nog steeds hoog is, werd ze genoodzaakt haar intrek te nemen in een leegstaande varkensschuur, haar aangeboden door de heer J. Koudijs. Een ander onderdak is voor haar in de hele gemeente niet te vinden.

 

Piet Gijzenbrug verdwijnt. (Leidsch Dagblad 24-4-1926)
Naar aanleiding van een verzoek van het gemeentebestuur van Noordwijkerhout heeft de directie der Nederlandse Spoorwegen besloten de naam van het station "Piet Gijzenbrug" in "Noordwijkerhout" te veranderen.

 

Tolrecht Piet Gijzenbrug. (Leidsch Dagblad 21-2-1925)
Tijdens de raadsvergadering  van 21 februari 1925 van de gemeente Sassenheim staat onder agendapunt 8:  Aandeel in de kosten afkoop vaarboom onder Voorhout bij Piet Gijzenbrug. Van particuliere zijde is hiervoor in Sassenheim bijeengebracht de som van f.3555,-. Door Voorhout is een tegemoetkoming van f. 985,- terwijl aan giften nog werd ontvangen f. 212,50,- totaal  f.4752,50.

Het huis met de tol zou gekocht kunnen worden voor f.12.676, waarvoor een bedrag van f.5500,- terug zou kunnen ontvangen worden voor het huis alleen, zodat er een bedrag van f.7176,- gedekt moet worden, waarvoor reeds een toezegging is van f 4752,50. Er blijft dus nog een bedrag over van  f.2423,50. De gemeente Voorhout wil hiervan f.600 betalen, zodat er voor Sassenheim f.1800 zou overblijven. Dit vinden B en W wel veel. Zij zouden tot f.1200 willen gaan en de rest door Voorhout laten betalen, temeer wijl deze tot onder Voorhout ligt.

 

Raadslid Speelman vindt f.500,- voor Sassenheim voldoende, terwijl de heer Bader erop wijst dat het geen gemeentebelang is. En door de bijdrage van f.3555,- door belanghebbende Sassenheimers, heeft deze gemeente reeds genoeg betaald.

 

Raadslid v.d. Geest vindt f.120,- toch niet teveel, omdat het voor de arbeiders een uitkomst zal zijn indien de tol weg is, waarop wethouder Bader zegt, dat de heer v.d. Geest dit toch niet te zwaar moet opvatten, omdat de onkosten toch op de werkgevers verhaald worden. Alleen voor de last en het ongemak is een som van f.500,- te billijken. Dit voorstel van de raadslid Speelman wordt aangenomen.

 

Nieuw Stationsemplacement (Leidsch Dagblad 22-12-1920).
Het maken van een nieuw stationsemplacement met tweede wachtlokaal en bijbehorende werkzaamheden aan station Piet Gijzenbrug is gegund aan de aannemer  A. van Dijk te Noordwijkerhout.

 

Met dank aan Peter Warmerdam.