Datum: 28-11-2022 - 16:02
06
jan
'14

Nieuwjaarstoespraak Burgemeester Goedhart: "ook 2014 in het teken van bezuinigingen".

Op de nieuwjaarsreceptie van 6 januari van de Gemeente Noordwijkerhout, heeft burgemeester Goedhart de traditionele nieuwjaarstoespraak gehouden. Hij keek daarbij terug op 2013, maar ook vooruit naar 2014. U kunt de toespraak van de burgemeester volledig teruglezen op BON....

Nieuwjaarstoespraak 2014 van burgemeester Gerrit Goedhart

Dames en Heren,

Hartelijk welkom op de nieuwjaarsreceptie van het gemeentebestuur. Wij stellen het altijd op prijs als wij een nieuw jaar niet alleen hoeven te beginnen, maar dat samen met u kunnen doen.

U bent in beginsel alle inwoners van de gemeente, maar wanneer de meesten zich laten vertegenwoordigen door hun verenigingsbesturen, dan kunnen wij daar goed mee leven. Welkom ook de vertegenwoordigers van onze belangrijke instellingen en bedrijven en van de omliggende gemeenten en Holland Rijnland.

Wij zijn het jaar rustig begonnen. Weliswaar was het vuurwerk weer op oorlogssterkte, maar slachtoffers zijn in onze gemeente niet gerapporteerd. Gelukkig. Ook de schade door vandalisme lijkt mee te vallen in vergelijking met de voorgaande jaren. Het blijft natuurlijk onaanvaardbaar dat sommigen nieuwjaar als aanleiding nemen om andermans of gemeenschappelijke eigendommen te vernielen.

De toegenomen kracht van het vuurwerk is een zorgpunt. Ik vind dat de rijksoverheid zeker in moet gaan op het aanbod van de vuurwerkleveranciers om te kijken welk ongelukbrengend vuurwerk uit de handel genomen moet worden. Daarnaast moet er op Europees niveau afgesproken worden wat er wel kan en niet, zoals het OM heeft aangegeven. Het is toch idioot, wat zeg ik, knettergek, dat de bommen en granaten uit Zuid- en Oost Europa hier gewoon per post bezorgd en afgestoken kunnen worden. Weet u wel wat u doet als u een pakje voor uw buren aanneemt?

2014 wordt een spannend jaar. Niet vanwege de crisis. Daar zijn we inmiddels al zo aan gewend dat sommigen denken dat die weer bijna voorbij is. Het komende jaar zal wat betreft de gemeente in het teken van de bezuinigingen blijven staan. Zeker met het oog op wat er in de komende jaren op ons afkomt aan bezuinigingen en extra taken met budgetbeperkingen, blijft het nodig om voorzichtig beleid te voeren. Tot op heden is ons dat gelukt. Bij de collegeonderhandelingen na de aanstaande raadsverkiezingen zal  daar ook terdege rekening mee moeten worden gehouden. Er is weinig ruimte voor luchtfietserij in de komende periode. In de verkiezingscampagne moet het dus ook niet gaan om uitdelen, maar om verdelen.

De verkiezingen worden spannend. Wat zal het effect zijn van de landelijke verhoudingen op onze lokale uitslag? Worden de coalitiepartijen beloond voor hun prestaties of gaan de stemmen naar de oppositie, het CDA, en de nieuwe partij die zich aandient. Nieuwe gezichten krijgen we in ieder geval, want los van de uitslag hebben bijna  de helft van de raadsleden en één wethouder aangekondigd te stoppen. Het is een vooraankondiging, afscheid nemen doen we in april.

Spannend wordt het ook de twee komende maanden voor de samenwerking in de Bollenstreek. Samenwerken doen we al meer dan twintig jaar en we zijn er ook steeds meer aan gewend om zaken te doen met onze buren, omdat we deel uitmaken van een streek en van een regio met gemeenschappelijke belangen.  Personeelszaken doen we met Lisse en Noordwijk, de Sociale Dienst en de Wet Maatschappelijke Ondersteuning met de 5 Bollengemeenten, de Greenport Ontwikkelings Maatschappij met de Bollenstreek en Katwijk, ruimtelijke structuur en infrastructuur met de 14 Holland Rijnlandgemeenten, de brandweer met de 25 gemeenten in de Veiligheidsregio, de politie met Den Haag, 34 gemeenten. Gemeente zijn betekent dus op veel terreinen  samenwerken, op verschillende schaalniveaus.

In die samenwerkingsverbanden, waaraan we ook bevoegdheden hebben overgedragen, gaat nu al een kwart van onze gemeentebegroting om. Na de drie decentralisaties in de zorg wordt dat de helft van het gemeentebudget.

Onze bijdragen aan de gemeenschappelijke regelingen worden vastgesteld door de gemeenteraad. Maar bij een gemeenschappelijke regeling beslist de meerderheid. Als de meerderheid beslist dat er meer geld nodig is, dan ben je daar ook als tegenstemmende gemeente aan gebonden. De raad levert door het besluit tot deelname aan een gemeenschappelijke regeling dus iets van zijn budgetbevoegdheid in. In de besturen van de gemeenschappelijke regelingen zitten de wethouders of de burgemeesters. Zij moeten met hun collega’s uit de andere deelnemende gemeenten tot overeenstemming komen. Het college levert dus iets van zijn autonomie in besluitvorming en verantwoording aan de raad in.

Veel van het bestuurlijk overleg verschuift van de raad en het college naar de algemene en dagelijkse besturen van de gemeenschappelijke regelingen. Omdat daar meestal de wethouders inzitten, heet dit verlengd lokaal bestuur ook wel wethoudersbestuur. De colleges, maar vooral de gemeenteraden,  zitten wat verder van de besluitvorming af. Alleen in Holland Rijnland zitten ook raadsleden in het Algemeen Bestuur om de raden directer bij de regionale samenwerking betrokken te houden.

De meeste samenwerkingsverbanden  hebben we met de vijf Bollengemeenten. De sociale dienst van de vijf gemeenten is zeer belangrijk. Aan de meeste overige samenwerkingsverbanden nemen we met zijn vijven deel. De Bollenstreek heeft door de bollenteelt een identiteit met landelijke bekendheid. We vormen, zoals dat heet, een congruent samenwerkingsgebied. In de komende weken gaat het erom hoe we de samenwerking in de Bollenstreek vaster vorm kunnen geven en de gemeenschappelijke identiteit actiever en breder neer kunnen zetten.  

We hebben in vijf domeinen, waarin we feitelijk al samenwerken, strategische doelen benoemd, omdat we denken dat we door het formuleren van gemeenschappelijk beleid en het vormen van gemeenschappelijke uitvoeringscapaciteit winst kunnen behalen.

Het eerste is de decentralisatie van de drie zorgtaken door het Rijk naar de gemeenten: delen van de AWBZ, de jeugdzorg en de participatiewet. De minister van Binnenlandse zaken eist dat we daarvoor beleids- en uitvoeringscapaciteit bundelen met als richtlijn een schaal van 100.000 inwoners. Daar gaan we aan voldoen. Beleidsmatig hebben we ons voorbereid op de schaal van Holland Rijnland en qua uitwerking gaan we verder op de schaal van de ISD, zoveel mogelijk samen met Katwijk.

Het tweede domein is de economie. De regio Leiden-Bollenstreek verloor  volgens een Rabobank-rapport over 2008 op economische groei van 34 van de 40 regio’s in het land. Dat is bar slecht voor een regio die midden in de Randstad ligt, tussen de twee mainports Rotterdam en Schiphol, die het centrum is of was van een sector waarin Nederland wereldspeler is, en die een positie te verliezen heeft  op het gebied van recreatie, toerisme en congressen. Onze economische identiteit was zelfs zo zwak dat velen ons bollenareaal en duingebied als vasteland zagen, een ideaal uitloopgebied voor de woningbouwopgaves van de beide metropoolregio’s Amsterdam en Den Haag-Rotterdam.  In 2009 ging alleen de zakelijke dienstverlening hier beter dan landelijk, de rest minder. In 2011 lagen we qua aantal starters nog steeds onder het landelijk gemiddelde. Toen stonden we op de MKB-regioladder van de Rabobank op 30. Beter, maar niet goed.

Natuurlijk is het bollenareaal van Noordwijkerhout het grootste, zijn de Noordwijkerhoutse ondernemers de beste en is De Leeuwenhorst het grootste congreshotel van de Benelux, maar het verkoopt beter als Bollenstreek en stimulering van de economie werkt beter als we onze vijf hele of halve ambtenaren EZ samen laten werken voor de streek.

Het derde domein is Veiligheid. Velen zeggen dat die al geregeld wordt door de Veiligheidsregio en door de nationale politie. Gaat u maar rustig slapen, minister Opstelten zorgt voor u. Maar als je van mening bent dat je lokaal wat te zeggen moet houden, dan zal je beleidsmatig wat moeten inbrengen op het niveau van de 25 gemeenten van de veiligheidsregio en de 34 gemeenten van de politieregio. Dat kun je niet als losse gemeenten, maar wel samen als streek. Je kunt die grote uitvoeringsapparaten ook niet lokaal aansturen als je elkaar in de streek tegenwerkt. Dus veiligheid is strategisch domein drie.

Het vierde domein is de Ruimtelijke ordening, het vijfde de infrastructuur. Daar is de laatste jaren al veel op bereikt. Dat is mooi, maar in het verleden behaalde resultaten geven geen garantie voor de toekomst. Zeker niet omdat we in Holland Rijnland-verband aan het hergroeperen zijn en de neiging is om meer bij de clusters Rijnstreek, Leidse regio en Bollenstreek te leggen. We willen daar als cluster dus harder aan gaan trekken.

De vraag die de komende zes weken aan de orde komt is of we deze  samenwerking in de Bollenstreek willen concentreren in één gemeenschappelijke regeling en of we de gemeenteraden direct in het bestuur van die regeling willen betrekken. Vier van de vijf gemeenteraden hebben gezegd dat te willen onderzoeken en de uitkomsten krijgen we deze maand in de vorm van een advies van het  bureau PricewaterhouseCoopers (PWC) voorgelegd.

De discussie zal er om gaan welke taken we op de vertrouwde wijze lokaal kunnen blijven doen, met onze eigen raad en college, en hoe we de zaken die we al gemeenschappelijk doen krachtiger kunnen organiseren  en samen kunnen besturen, als raden en als colleges van de Bollenstreek. Noordwijkerhout blijft dus gewoon Noordwijkerhout en deel van de Bollenstreek, maar aan dat laatste gaan we bestuurlijke consequenties verbinden. Als de raden hun voornemens waarmaken, zullen we erop vooruitgaan en dat is een mooie gedachte voor het nieuwe jaar.

Ik wens u allen een voorspoedig 2014.

Foto's redactie BON