Datum: 27-10-2021 - 16:05
21
sep
'21
Fractie VVD stelt vragen aan het college over: Aankoop grond Oosterduinsemeer in Noordwijkerhout.
Geschreven door Fractie VVD / College van B&W

College beantwoordt vragen fractie VVD over: Handhaving algemeen en huisvesting arbeidsmigranten.

De schoorvoetende erkenning door portefeuillehouder Van den Berg in de vergadering van de commissie Ruimte, dat de regie bij het project handhaving paardenweitjes beter had gekund in relatie met het op afstand geplaatst zijn van de handhavingsfunctie bij de ODWH, vormt de aanleiding voor een aantal algemene vragen. Daarnaast worden mede naar aanleiding van een recente bijdrage van de journalist...

Roland Koopman op RTL Z vragen gesteld over de handhavingspraktijk ten aanzien van arbeidsmigranten. In zijn bijdrage wordt door Koopman het doemscenario geschetst, dat de huidige schaarste aan dit type werknemer als gevolg van de pandemie kan leiden tot verplaatsing van economische activiteiten naar landen waar die arbeidskrachten ruim voor handen zijn.

De fractie van de VVD heeft een aantal vragen gesteld en deze zijn onlangs beantwoordt door het college van B&W:

A (algemeen).
Vraag 1.
Is het College bekend met de discussie in bestuurlijk NL over de nadelige effecten voor het democratisch proces van het op afstand plaatsen van uitvoerende taken. Zo ja heeft het College ook kennisgenomen van het ongevraagd advies van de Raad van State over de ministeriële verantwoordelijkheid aan het kabinet, dat van overeenkomstige betekenis en toepassing is voor de lokale democratie.

Welke concrete maatregelen heeft het College genomen, zodat grip wordt gehouden op de uitbestede taken en de politiek bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van die op afstand geplaatste taken ook in concrete gevallen naar behoren kan worden gedragen?

Antwoord:
Het college is bekend met de discussie. Vanwege de taakverzwaring dat hogere eisen stelt aan de bestuurskracht van gemeente is juist landelijk gekozen om de uitvoerende taken zo veel mogelijk onder één hand onder te brengen. De gemeente heeft een overlegstructuur ingericht waarin dossiers en de gemaakte werkafspraken onderling worden besproken.

Vraag 2.
Om die bestuurlijke grip te kunnen houden is de opstelling van een normenkader geïndiceerd, waarin de mate van grip dient te worden gedefinieerd alsmede de bijdrage die het College van de ODWH verwacht om deze activiteit te kunnen sturen.

Antwoord:
Er is door de gemeenteraad een VTH beleidsplan vastgesteld. Daaropvolgend is een uitvoeringsprogramma VTH vastgesteld door het college. De gemeenteraad heeft de Verordening kwaliteitscriteria vastgesteld.

Vraag 3.
Wil het College dit normenkader aan de gemeenteraad overleggen en voor het geval het (nog) niet over een dergelijk normenkader wordt beschikt onderschrijft het College dan de noodzaak hiervan en is het dan ook bereid om een dergelijk kader spoedig te concipiëren?

Antwoord:
De onder punt 2 genoemde stukken kunnen indien uw raad dit wenst overlegd worden.

Vraag 4.
Welke concrete (beleids)maatregelen heeft College verder getroffen om de voormelde nadelige effecten te verontzijdigen.

Antwoord:
Zie de beantwoording op vraag 2.

B (arbeidsmigranten)
Vraag 1.
Is het College ermee bekend, dat in toenmalige gemeente Noordwijkerhout ook onder de vigeur van de beginselplicht tot handhaving decennialang een specifiek handhavingsbeleid ten aanzien van de huisvesting van arbeidsmigranten is gevoerd. 

Dit beleid -kort samengevat- geboren uit economische noodzaak door een gebrek aan werknemers van nationale bodem komt er op neer dat van gemeentewege werd toegelaten dat huisvesting voor deze categorie plaatsvindt op plaatsen, die bestemmingsplanmatig hiervoor niet waren aangewezen.

Handhavend optreden vond alleen plaats, indien er veiligheidsrisico’s waren (brandgevaar, volksgezondheid), sprake was van overlast of andere maatschappelijk ongewenste effecten zoals uitbuiting etc. Dit beleid zou worden beëindigd zodra voldoende huisvestingsfaciliteiten voor deze groep werknemers gerealiseerd zouden zijn. Waarom is het College kennelijk van dit beleid afgeweken?

Antwoord:
Wij zijn bekend met het handhavingsbeleid wat door voormalig gemeente Noordwijk en Noordwijkerhout was vastgesteld. De uitvoering daarvan betekende dat de gemeente in actie kwam als sprake is van overlast, brandonveiligheid of zaken zoals uitbuiting. In die handhavingspraktijk ging de gemeente niet uit eigener beweging op zoek naar overtredingen bij de handhaving van de bestemmingsplanvoorschriften ten aanzien van bij de huisvesting van arbeidsmigranten.

Als sprake is van een verzoek om handhaving, dan geldt de beginselplicht tot handhaving zoals die in de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak is ontwikkeld. Die beginselplicht tot handhaving kent groot gewicht toe aan een verzoek om handhaving. Als zo'n verzoek is ingediend dan staat het ons niet meer vrij om op grond van de door u genoemde economische belangen af te zien van handhaving. Het belang dat een verzoeker om handhaving heeft bij handhaving van de bestemmingplanvoorschriften weegt dan zwaarder. Dat was in Noordwijkerhout niet anders.

De handhaving van bestemmingsplan- en andere voorschriften bij de huisvesting van arbeidsmigranten heeft overigens onze voortdurende aandacht. In dit verband wijzen wij u op onze brief van 14 oktober 2020 aan de gemeenteraad over de beantwoording van de vragen die fractie van NZLokaal heeft gesteld en onze brief van 13 juli 2020 aan de raad, over de motie van de CDA-fractie die de raad op 5 november 2019 heeft aangenomen.

Vraag 2.
Na de realisatie van de Trampoline – een grootschalig huisvestingsproject – aan de Leidsevaart in 2016 zijn de overige onderhanden huisvestingsprojecten kennelijk in de “vertraging” geraakt. Kan het College aangeven hoe de voortgang van deze projecten verloopt?

Graag een nauwgezet overzicht van de stand van zaken van alle projecten, die voor de huisvesting van arbeidsmigranten in de pijplijn zitten en meer in het bijzonder de stand van zaken met betrekking tot de projecten aan de Vlashoven en aan de Northgodreef.

Antwoord:
De gemeente heeft een inventarisatie gemaakt met alle mogelijke locaties voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Zowel binnen als buiten bestaand stads- en dorpsgebied (hierna BSD). Ook de Provincie Zuid-Holland (hierna PZH) heeft een inventarisatie gemaakt. Deze twee inventarisaties zijn samengevoegd tot één overzicht. Dit overzicht wordt als bijlage bij deze brief toegevoegd.

Voor de locatie Northgodreef heeft er een pilot gedraaid bij de PZH. Eindrapportage handhavingsconferentie maart 2021. Deze 3 projecten nog nader bekijken (of in de rand van BSD huisvesting mogelijk is) als locatieprojecten. Slag maken met de PZH. Kunnen we dit realiseren voordat de PZH haar ruimtelijke beleid aanpast op dit punt. Beleidswijziging in 2022 in procedure.

De beleidsregel ruimtelijke randvoorwaarden logiesgewijze huisvesting tijdelijke Arbeidsmigranten Duin- en bollenstreek wordt op dit moment aangepast. In de aanpassing is o.a. opgenomen dat paarse bollenbestemmingen ook mogelijk omgezet kunnen worden. De vaststelling van de wijziging staat geplant voor eind 3e, begin 4e kwartaal 2021.

De regeling voor de tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten die is opgenomen in de bestemmingsplannen Buitengebied en Landelijk gebied mogen niet worden opgerekt van 3 naar 6 maanden. De PZH gaat hier niet in mee. Zij houdt strak vast aan hun eigen beleid.

Vraag 3.
Kennelijk is dit met instemming van de gemeenteraad gevoerde beleid bij de ODWH niet bekend gelet op de met dit beleid strijdige handhavingsacties door deze Dienst.

Antwoord:
Het beleid over de huisvesting van arbeidsmigranten is neergelegd in de "Beleidsregel Ruimtelijke voorwaarden logies-gewijze huisvesting tijdelijke arbeidsmigranten Duin- en Bollenstreek", die het college op 8 januari 2019 heeft vastgesteld. Deze beleidsregel is vastgesteld op basis van een voorstel door de Stuurgroep Fusie d.d. 17 november 2018 en volgt uit de harmonisatie van de beleidsregels van Noordwijk en Noordwijkerhout in het kader van de fusie. In het VTH beleidsplan 2019-2022 is de handhaving van het illegaal huisvesting van buitenlandse werknemers niet als afzonderlijke prioriteit benoemd.

De ODWH voert dit beleid uit. Bij de handhaving van dit beleid is de ODWH niet actief op zoek naar overtredingen tenzij sprake is van overlast, brandonveiligheid en zaken zoals uitbuiting. Voor het overige komt zij alleen in actie als sprake is van een concreet handhavingsverzoek. Daarmee handelt de ODWH in overeenstemming met de handhavingspraktijk zoals die al geruime tijd in Noordwijk gebruikelijk is. Naar onze mening geeft de ODWH daarmee op dezelfde wijze invulling aan de beginselplicht tot handhaving zoals die voor de fusie in de gemeenten Noordwijk en Noordwijkerhout werd toegepast.

Ons is niet gebleken dat de gemeenteraad van Noordwijkerhout dan wel Noordwijk een beleid heeft vastgesteld waaruit blijkt dat bij handhavingsverzoeken niet dient te worden opgetreden tegen overtreders.

Vraag 4.
Hoe beoordeelt het College deze discrepantie en hoe en wanneer worden beleid en uitvoering weer met elkaar in overeenstemming gebracht?

Antwoord:
Zoals wij hiervoor uiteen hebben gezet zien wij geen discrepantie tussen de het gemeentelijke handhavingsbeleid van de gemeente Noordwijk en de uitvoering daarvan.

Vraag 5.
Is het College dan ook bereid het bestaande beleid, dat ook nog past binnen de door de huidige gemeenteraad aangenomen moties, onder aandacht van de ODWH te brengen en de ingezette handhavingsacties te stoppen?

Antwoord:
Lopende handhavingszaken zijn in verband met strijdigheid met door uw raad gestelde kaders en wij zien dan ook geen aanleiding om handhavingszaken te stoppen.

Vraag 6.
Voor het geval er sprake zou zijn van een beleidswijziging kan een dergelijke wijziging toch onmogelijk ingaan zonder een behoorlijke discussie met de gemeenteraad, dat gepaard behoort te gaan met communicatietraject met alle belanghebbenden en het stellen van een overgangsmaatregel, waarvan de lengte van de termijn gekoppeld behoort te worden aan de duur van het gevoerde beleid. 

Deelt het College deze uit de algemene beginselen van behoorlijk bestuur voortvloeiende opvatting, immers ook de overheid kan niet zondermeer voorbijgaan aan het in verleden vertoonde gedrag, waarop de inwoners mogen afgaan?

Tenslotte is de aan de gemeenteraad van Noordwijkerhout in de raadsvergadering van december 2018 gedane toezegging in het kader van de harmonisatie van de beide verordeningen voor de toeristenbelasting nog niet gehonoreerd.

Kan het College aangeven hoe het overleg met de gedupeerden in de geest van deze toezegging tot nu toe is verlopen en wanneer deze gedane toezegging wordt nagekomen? Wil het College hierbij specifiek ingaan op de vraag of het rechtmatig is om een arbeidsmigrant als toerist aan te merken.

Antwoord:
Er is geen sprake van een beleidswijzing of een breuk met de handhavingsbeleid. De begunstigingstermijn die de ODWH namens ons bij een concreet handhavingsbesluit stelt, stemt ook overeen met de matrix die daarvoor in het beleidsplan VTH 2019-2020 is opgenomen. Daarbij wordt steeds bezien welke gevolgen de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in een concreet geval betekenen voor zowel de overtreder als een verzoeker om handhaving.

Voor zover uw vraag betrekking heeft op de toepassing van het vertrouwensbeginsel, wijzen wij op recente jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van 6 mei 2020, ECLl:NL:RVS:2020:1185, waarbij aan het belang van handhaving van bestemmingsplanregels in het geval van een verzoek om handhaving een zwaarder gewicht wordt toegekend dan het beroep van een overtreder op de nakoming van een concrete toezegging. Dat geldt evenzeer voor de gevallen waarin sprake is van een verzoek om handhaving en de overtreder zich beroept op een ruimhartige handhavingspraktijk.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend,
Burgemeester en wethouders van Noordwijk