Datum: 04-08-2021 - 12:04
15
jul
'21
Bruisend Noordwijk stelt vragen aan het college over: ontwikkelingen Oosterduinsemeer in Noordwijkerhout en Bollenstreek.
Geschreven door Bruisend Noordwijk / College van B&W

College beantwoordt vragen Bruisend Noordwijk over: ontwikkelingen rond het Oosterduinsemeer.

Fractie Bruisend Noordwijk: In de besluitenlijst van uw college van 6 april ’21 wordt vermeld, dat het college akkoord is gegaan met de verwerving van provinciale eigendommen aan de westzijde van het Oosterduinsemeer. Op 22 september beantwoordde uw college de eerder door de fractie van Bruisend Noordwijk schriftelijk gestelde vragen inzake de voortgang van de (gewenste) recreatieve ontwikkelingen...

rond het Oosterduinsemeer, met name op de west- en zuidoever. Melding werd gemaakt van een reeds in 2018 gesloten intentieovereenkomst met de navolgende afspraken:
1. Bestrijden van blauwalg
2. Onderlinge afstemming over initiatieven met betrekking tot recreatieve ontwikkelingen op en/of rondom het Oosterduinsemeer;
3. Uitwerken van een principeplan door Xella met de volgende principes:
a. Recreatieontwikkeling
b. Natuurontwikkeling
c. Zandwinning

Van de zijde van Xella is het verder niet gekomen tot initiatieven om te komen tot een nadere uitwerking of samenwerking tussen Xella en de gemeente. Bij de beantwoording voegt uw college nog een bijlage inzake uw verzoek aan de provincie Zuid-Holland om te komen tot een duidelijke standpuntbepaling inzake zandwinning in en rond het Oosterduinsemeer.

Daarin geeft uw college nog eens duidelijk aan, dat met de aankoop van gronden en herontwikkeling van het gebied rond het Oosterduinsemeer voor natuur, sport en/of recreatieve doeleinden zandwinning niet gewenst is.

Vragen Bruisend Noordwijk zijn onlangs beantwoordt door het college van B&W.

Vraag 1.
Op welke wijze denkt het college de beleidsintenties tot een recreatieve ontwikkeling op zowel de west- als zuidoever te kunnen realiseren en op welke termijn?

Antwoord:
Er hebben zich de afgelopen jaren meerdere initiatiefnemers gemeld bij de gemeente met uiteenlopende idee n voor activiteiten rondom en op het Oosterduinse Meer. Hierbij valt te denken aan de ontwikkeling van sport, natuur, recreatie of een combinatie van deze functies. Deze initiatieven worden, in de komende maanden beoordeeld op haalbaarheid.

Vraag 2.
Maakt een recreatieve ontwikkeling op en rond de zuidoever ook deel uit van de met Xella overeen gekomen intentieovereenkomst?

Antwoord:
Ja, in de artikelen 2 en 3 van de intentieovereenkomst met Xella d.d. 8 mei 2018 is respectievelijk in artikel 2 opgenomen dat Xella en gemeente afstemming hebben over initiatieven die de gemeente heeft met het oog op recreatieve ontwikkelingen op en/of rondom het Oosterduinsemeer op korte(re) termijn en in artikel 3 dat Xella zal overgaan tot het uitwerken van een principeplan voor het Oosterduinsemeer waarbij op hoofdlijnen invulling zal worden gegeven aan de volgende 3 principes:
a. recreatie-ontwikkeling;
b. natuurontwikkelingen
c. zandwinning.
Xella als eigenaar van de gronden gelegen aan de zuidoever van het meer en het water zelf, heeft onlangs desgevraagd laten weten zich, onder voorwaarden, constructief op te stellen indien haar medewerking voor bepaalde initiatieven gewenst is.

Zoals aangegeven in onze brief d.d. 22 september 2020 heeft Xella om redenen nog geen uitvoering gegeven aan het principeplan. Bij mail van 25 juli 2019 heeft Xella aangegeven dat de continuïteit van de bedrijfsvoering (zandwinning) de volle aandacht vraagt en er geen tijd beschikbaar is voor het principeplan. Om aansluitend te concluderen: Dit betekent dat we de planning van onze intentieovereenkomst moeten oprekken.

Vraag 3.
Maken de gronden op en rond de zuidoever ook deel uit van de door Xella gewenste zandwinning en zo ja, op welke termijn?

Antwoord:
Vooralsnog is het de wens van Xella om de productie van zandwinning in het huidige meer te hervatten, in de vorm van verdiepen van het bestaande meer of uitbreiden van het meer. Een eventuele uitbreiding is voorzien op de gronden gelegen aan de oostoever.

Xella heeft namelijk begin jaren tachtig, na overleg met de provincie, eersteklas bollengronden aan de oostzijde van het aangekocht met het oog op een uitbreiding van het Oosterduinsemeer. Xella verwacht dat de komende 15 tot 20 jaar het Valkenburgse Meer (gemeente Katwijk) voldoende productiecapaciteit biedt voor zandwinning. Volledigheidshalve verwijst ons college ook naar de beantwoording van vraag 4.

Vraag 4.
In hoeverre is er wel of geen medewerking aan of verzet tegen zandwinning van de zijde van de provincie Zuid-Holland?

Antwoord:
Ons college heeft bij brief gedateerd 28 juli 2020 de provincie verzocht een standpunt in te nemen over mogelijke toekomstige zandwinning. Gedeputeerde Staten hebben in reactie hierop het volgende laten weten:

"Samenvattend: wij hebben geen publiek- en/of privaatrechtelijke afspraken met Xella gemaakt over een eventuele toekomstige zandwinning in het Oosterduinsemeer. Wij herbevestigen onze eerdere conclusie dat, gelet op het huidige ruimtelijk beleid en de huidige regelgeving, vergunningverlening voor zandwinning in en rond het Oosterduinsemeer zeer onwaarschijnlijk is."

Ons college maakt hieruit op dat, hoewel dit geen 100% waterdichte toezegging betreft, gelet op de omschrijving zeer onwaarschijnlijk, in combinatie met een aantal andere argumenten zoals de mogelijkheden voor de huidige zandwinning in het Valkenburgse Meer, de komende 15 -20 jaar er in ieder geval geen sprake zal zijn van besluitvorming die het hervatten van de zandwinning mogelijk maakt.

Vraag 5.
Welke vergunningen en/of te doorlopen ruimtelijke procedures zijn noodzakelijk om te komen tot daadwerkelijke zandwinning en/of daadwerkelijke uitoefening van reeds verleende concessies?

Antwoord:
De provincie heeft nu uitsluitend een toetsende rol aan de hand van de Beleidsnota Ontgrondingen. Dit betreft provinciaal toetsingskader. Elke ruimtelijke ontwikkeling in dit gebied zal getoetst moeten worden aan de ter plaatse geldende bestemmingsplannen Oosterduinsemeer en/of Buitengebied 2015. Wanneer het hiermee in strijd is zal tevens moeten worden getoetst aan het gemeentelijk ruimtelijk beleid Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (ISG).

Uitbreiding van het meer, op de in eigendom van Xella zijnde gronden aan de oostzijde van het meer, gaat ten koste van bollengrond en past niet binnen de ISG. Om die reden is er geen basis om af te wijken van het bestemmingsplan. Aanvullend kan worden opgemerkt dat er sprake is van strijdigheid met het provinciale omgevingsbeleid, overeenkomstig de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport.

Vraag 6.
Heeft naar uw mening Xella, mede in het licht van de beantwoording op hierboven gestelde vragen, een redelijk belang om zich te verzetten tegen een door tussenkomst van de Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) te verlenen (tijdelijke) omgevingsvergunning aan de horeca-inrichting Como & Co?

Antwoord:
Als eigenaar van het water en de gronden waarop Como & Co gelegen is heeft Xella een belang bij de aanvraag voor de omgevingsvergunning. Como & Co heeft namelijk op een deel van de gronden waarop het restaurant en overdekt terras zijn gesitueerd een recht van opstal.

Alle overige activiteiten (terras langs het water, terras op het water en de aanlegsteiger) vinden rechtstreeks plaats op de gronden van Xella. Como & Co heeft hiervoor geen recht van opstal of erfpacht. (zie eerder nieuwsbericht)

Hoogachtend,
Burgemeester en wethouders van Noordwijk