Datum: 19-09-2021 - 14:02
29
jun
'21
College beantwoordt vervolgvragen Bruisend Noordwijk over: klachten omwonenden zendmasten in Noordwijkerhout.
Geschreven door Bruisend Noordwijk / College van B&W

College beantwoordt vervolgvragen Bruisend Noordwijk over: klachten omwonenden zendmasten.

Bruisend Noordwijk: Bij de brief van 18 mei j.l. ontving ik uw antwoord op de door de fractie van Bruisend Noordwijk schriftelijk gestelde vragen inzake de zendmast voor telecommunicatie aan het Dijkzicht te Noordwijkerhout. Daarvoor dank. De beantwoording is evenwel op punten wat onduidelijk, zodat de navolgende aanvullende vragen gesteld dienen te worden. U stelt, dat de gevraagde vergunning...

voor bouwen en voor afwijken bestemmingsplan niet als zodanig is verleend, maar uiteindelijk van rechtswege is ontstaan. De vragen van Bruisend Noordwijk zijn onlangs door het college beantwoordt.

Vraag 1.
Is er daadwerkelijk een vergunning aangevraagd en zo ja, op welke wijze?

Antwoord:
Door Vodafone, gevestigd te Maastricht is in het daarvoor van Rijkswege ingestelde Omgevingsloket Online (OLO} het daartoe bestemde formulier ingevuld.

Vraag 2.
Waarom is de gevraagde vergunning niet verleend?

Antwoord:
De aanvraag is destijds ontvangen op 13 juni 2014. Het betreft een zogenoemde reguliere procedure en zonder een verlengingsbesluit had de vergunning acht weken later, uiterlijk 7 augustus 2014, moeten zijn verleend. Deze termijn is niet gehaald en de wet verbindt hieraan als consequentie dat de vergunning van rechtswege wordt gegeven.

Vraag 3.
Is getoetst aan het vigerende bestemmingsplan, te weten Victor en Dorp (vastgesteld onherroepelijk (vastgesteld 2013-07-11)?

Antwoord:
In het kader van de beoordeling van de aanvraag is inderdaad getoetst aan het bestemmingsplan Victor en Dorp. Doordat uiteindelijk de vergunning van rechtswege is gegeven, heeft hierover geen besluitvorming kunnen plaatsvinden.

Vraag 4.
Waarom is niet voldaan aan het gestelde in artikel 20.2.3., waarin voor nutsvoorzieningen een maximale bouwhoogte is toegestaan van 3 meter?

Antwoord:
In het ter plaatse vigerende bestemmingsplan Victor en Dorp heeft het perceel waarop de mast is geplaatst de bestemming "Groen" met de dubbelbestemming "Waarde Archeologie 1." De "Groen" bestemde gronden zijn onder andere bestemd voor nutsvoorzieningen, waaronder begrepen telecommunicatiemasten c.q. antennes. Ten behoeve van de bestemming mogen bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd, met een maximale bouwhoogte van 5 m.

De aanvraag betrof een telecommunicatiemast met een bouwhoogte van 37,50 m en overschreed daarmee de maximaal toelaatbare bouwhoogte. Het plaatsen van de telecommunicatiemast was dan ook in strijd met het bestemmingsplan met betrekking tot de bestemming "Groen".

Ingevolge het tweede lid van artikel 2.11 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is de aanvraag daarom mede aangemerkt als een aanvraag om een vergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, en kon de vergunning slechts geweigerd worden indien de vergunningverlening met toepassing van artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht niet mogelijk was.

Dienaangaande is blijkens de concept-vergunning het volgende overwogen:
*Het eerste lid van artikel 22 van de bestemmingsplanvoorschriften voorziet in een bevoegdheid voor het bevoegd gezag om bij omgevingsvergunning af te wijken van de bestemmingsplanbepalingen ten aanzien van de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, om deze te verhogen tot niet meer dan 10 m.

*Daar de gevraagde activiteit een bouwhoogte omvatte van 37,50 m, was deze bevoegdheid niet toereikend genoeg.

*De activiteit waarop de aanvraag mede betrekking had, viel onder de categorie gevallen als genoemd in artikel 4 van bijlage 11 van het Besluit omgevingsrecht en kwam daardoor in aanmerking voor toepassing van artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Voor het toepassen van deze bevoegdheid waren door de voormalige gemeente Noordwijkerhout destijds beleidsregels opgesteld: het Ontheffingenbeleid.

*Krachtens artikel 2.4.7 van het Ontheffingenbeleid kon met betrekking tot antenne-­installaties toepassing worden gegeven aan artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht indien de hoogte van een vrijstaande mast niet meer zou bedragen dan 40 m. De gevraagde activiteit had een hoogte van 37,50 en kwam dientengevolge voor afwijking van het bestemmingsplan in aanmerking.

*Concluderend werd in de concept-vergunning gesteld dat gezien het feit dat de gevraagde activiteit viel onder de categorie gevallen als genoemd in artikel 4 van het Besluit omgevingsrecht alsook paste binnen het vastgestelde Ontheffingenbeleid, er geen bezwaar bestond om met toepassing van artikel 2.12, lid 1, a, onder 2°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht de gevraagde activiteit te vergunnen. Als gemeld is uiteindelijk de vergunning van rechtswege gegeven waardoor hierover geen besluitvorming heeft kunnen plaatsvinden.

Vraag 5.
Op grond van welk wettelijk kader meent u, dat de gevraagde vergunning uiteindelijk van rechtswege is ontstaan?

Antwoord:
Deze regeling is opgenomen in paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) die op de gevolgde procedure van toepassing was. In het kort geldt: indien het bestuursorgaan niet tijdig heeft besloten op een aanvraag, ontstaat een vergunning van rechtswege die geldt als een beschikking. Het bestuursorgaan moet de beschikking bekendmaken binnen twee weken nadat deze van rechtswege is gegeven.

Vraag 6.
Bent u bereid met de beantwoording op onderhavige vragen deze vergezeld te doen gaan van de aangevraagde en verleende vergunning?

Antwoord:
De vergunningaanvraag bevat vertrouwelijke informatie (onder meer bedrijfsinformatie en persoonsgegevens) die zich niet zonder meer leent voor openbaarmaking. Voorgesteld wordt daarom om de stukken gedurende een periode van 4 weken na dagtekening van deze brief ter inzage te leggen op het gemeentehuis in Noordwijk.

Vraag 7.
Bent u van mening, dat plaatsing van zendmasten niet getoetst behoeven te worden aan regels van ruimtelijke ordening?

Antwoord:
Zie het antwoord op vraag 4; er heeft in het kader van de voorbereiding van de beschikking toetsing plaatsgevonden aan het hieromtrent bepaalde in het bestemmingsplan Victor en Dorp.

Vraag 8.
Zo ja, op grond van welke (bovenlokaal) wettelijk kader zou dat dan zijn toegestaan? U stelt, dat het gezamenlijke vermogen van de in de mast te plaatsen zendapparatuur minder dan 4 kW bedroeg en daardoor niet viel onder de werkingssfeer van de Wabo.

Antwoord:
Voor zover uw vraag ziet op het wettelijk kader voor de vergunningverlening van de zendmast aan de Dijkzicht, verwijzen wij u naar het antwoord op vraag 4.

Vraag 9.
Hebben er daadwerkelijk (periodieke) metingen of toetsingen plaats gevonden?

Antwoord:
Er hebben geen metingen hoeven plaats te vinden. Vodafone heeft voor deze antenne installatie een E-aansluiting van 3 x 40A. Met deze aansluiting is het onmogelijk de grenswaarde van 4 kW te bereiken.

Vraag 10.
Op grond van welk wettelijk kader meent u, dat er niet getoetst behoeft te worden aan de Wabo? U stelt, dat voor de plaatsing van de zendmast een zakelijk recht van opstal is verleend.

Antwoord:
Op grond van het Besluit omgevingsrecht (bijlage 1) worden categorieën inrichtingen I activiteiten aangewezen die onder de Wet milieubeheer vallen. Een zendmast valt in principe onder categorie 20.1.a.3. Installaties met een vermogen minder dan 4 kW worden buiten beschouwing gelaten.

Vraag 11.
Ligt aan het recht tot opstal een schriftelijk contract ten grondslag en zo ja, kan afschrift daarvan verstrekt worden met de onderhavige beantwoording?

Antwoord:
Aan het recht van opstal met gebruiksrecht ligt een schriftelijke overeenkomst ten grondslag. Met de eigenaar van de zendmast is afgesproken dat de vestigingsakte van het recht van opstal met gebruiksrecht bij de beantwoording kan worden verstrekt (zie bijlage 3)

Vraag 12.
Welke (financiële) tegenprestatie is of werd verbonden aan het verleende recht van opstal?

Antwoord:
Zie de akte. Voor het recht van opstal is geen retributie verschuldigd. De vergoeding voor het gebruiksrecht bedraagt € 3500,- (exclusief omzetbelasting) per jaar. Bij medegebruik geldt een aanvullende vergoeding van € 700,- (exclusief omzetbelasting) per jaar per medegebruiker. De voornoemde bedragen worden jaarlijks geïndexeerd aan de hand van het CPI 'alle huishoudens' (2006=100).

Bij de plaatsing van een nieuwe zendmast of verlenging/herziening van bestaande overeenkomsten wordt een tarief van € 6000,- gehanteerd en een totaalbedrag van € 1000,- voor medegebruikers, conform hetgeen bepaald in de grondprijzenbrief 2019.

Hoogachtend,
Burgemeester en wethouders van Noordwijk