Datum: 21-10-2020 - 09:56
   
25
sep
'20
College beantwoordt vragen Bruisend Noordwijk over: ontwikkelingen Oosterduinse Meer (zandwinning, grondverwerving, bestrijding blauwalg) in Noordwijkerhout en Bollenstreek.
Geschreven door Bruisend Noordwijk

College beantwoordt vragen Bruisend Noordwijk over: ontwikkelingen Oosterduinse Meer (grondverwerving, zandwinning, bestrijding blauwalg).

Fractie Bruisend Noordwijk: Reeds sinds vele jaren is er sprake van klachten rond de verblijfsfunctie en ontwikkeling van recreatieve activiteiten rond het Oosterduinse Meer in Noordwijkerhout. In tegenstelling tot vele documenten, visies, akkoorden en gesprekken is er nog geen sprake van een merkbare voortgang van in het vooruitzicht gestelde...

activiteiten of verbetering van de kwaliteit van het zwemwater.

Bruisend Noordwijk memoreert het volgende:

1. In de maand mei 2018 werd bericht, dat er een nieuwe overeenkomst zou zijn gesloten tussen de gemeente (toen nog Noordwijkerhout) en Xella inzake de toekomst van het Oosterduinse Meer. Dit in vervolg op vele gesprekken op zowel ambtelijk als bestuurlijk niveau. Voor de uitwerking en verdere punten, die in het principeplan zouden moeten worden opgenomen, verwijs ik u naar het betreffende mediabericht op BON. 

2. In uw coalitieakkoord “Betrokken, Helder en Daadkrachtig” lees ik in het hoofdstuk Economie (slechts) het volgende: “Ontwikkeling van het Oosterduinse Meer door meer recreatie aan de west- en zuidoever en aanwas van natuur aan de noord- en oostoever”

3. Gedurende de raadsperiode vanaf 1 januari 2019 tot op heden zijn (bij mijn weten) nog geen zaken met betrekking tot de ontwikkeling van het Oosterduinse Meer ter sprake gekomen, laat staan dat ik heb gemerkt dat er hieraan door enige portefeuillehouder prioriteit zou zijn toegekend.

Binnen bovenvermeld kader heeft Bruisend Noordwijk de volgende vragen en deze zijn onlangs door het college van B&W van de gemeente Noordwijk beantwoordt:

Vraag 1.
Welke ontwikkelingen zijn te melden met betrekking tot de verder uitwerking van de met Xella overeengekomen overeenkomst?

Antwoord:
Zoals u terecht in de inleiding van deze vragen memoreert hebben de toenmalige gemeente Noordwijkerhout en Xella in mei 2018 een intentieovereenkomst gesloten. Deze overeenkomst bevat grofweg de volgende afspraken:
1. Bestrijden van blauwalg

2. Onderlinge afstemming over initiatieven met betrekking tot recreatieve ontwikkelingen op en/of rondom het Oosterduinse Meer;

3. Uitwerken van een principeplan door Xella met de volgende principes:
a. Recreatieontwikkeling
b. Natuurontwikkeling
c. Zandwinning

Voorts is afgesproken dat, na overeenstemming tussen partijen over een uiterlijk in het najaar 2018 op te stellen principeplan, een samenwerkingsovereenkomst wordt gesloten. Indien de samenwerkingsovereenkomst niet tot stand zou komen, eindigt de intentieovereenkomst en de daarin genoemde afspraken. 

Uit het archief blijkt dat er vóór de afgesproken deadline geen principeplan gereed was. Bij mail van 25 juli 2019 heeft Xella aangegeven dat de continuïteit van de bedrijfsvoering (zandwinning) de volle aandacht vraagt en er geen tijd beschikbaar is voor het principeplan. Om aansluitend te concluderen: 'Dit betekent dat we de planning van onze intentie overeenkomst moeten oprekken.'

Het verlengen van de termijn was voor de gemeente geen reden om het andere belangrijke onderdeel van dit project niet op te pakken: de grondverwerving. De gemeente Noordwijk is dan ook geruime tijd in gesprek met de provincie Zuid-Holland over de aankoop van de gronden, welke zijn gelegen aan de westzijde van het Oosterduinse Meer.

De provincie is eigenaar en pachter van de betreffende gronden. Daarbij beschouwt de provincie het bezit en onderhoud van deze gronden niet als een van haar kerntaken en wenst deze af te stoten. De gesprekken over de feitelijke aankoop en overdracht betreffen een relatief lange periode en is het gevolg van de onderzoeken die de provincie heeft uitgevoerd naar de status van de grondeigendommen.

Zo bleek dat er meerdere percelen zijn waarover afspraken zijn gemaakt met derden, die in de vergetelheid waren geraakt. Ook kon aan de hand van de (provinciale) archieven niet altijd worden vastgesteld welke gronden feitelijk in eigendom zijn van de provincie. De onderzoeken hiernaar, uiteraard uitgevoerd door de provincie zelf, zijn niet lang geleden afgerond en geven thans, naar het zich laat aanzien, een getrouw beeld van de situatie.

Op 11 februari 2020 heeft er een overleg plaatsgehad tussen gemeente Noordwijk, provincie Zuid-Holland en Xella over onder meer de wens van Xella om de productie van zandwinning in het huidige meer, in de vorm van verdiepen of uitbreiden, over enkele jaren te hervatten. Deze vraag 'gijzelt' als het ware de ontwikkeling van mogelijke andere functies in het gebied.

Reden waarom ons college bij brief van 28 juli 2020, die in bijlage is toegevoegd en waarvan de tekst wordt geacht onderdeel te zijn van de beantwoording van deze vraag, Gedeputeerde Staten heeft verzocht een standpunt in te nemen. Hierover kan worden gemeld dat de provincie heeft laten weten de vraag van ons college naar verwachting te kunnen agenderen in oktober van dit jaar. Tot zover een toelichting op de ontwikkelingen met betrekking tot het Oosterduinse Meer.

Vraag 2.
Welke recreatieve ontwikkeling rond het Oosterduinse Meer heeft het college voor ogen? 

Antwoord:
In het Coalitieakkoord 2019-2022 "Betrokken, Helder en Daadkrachtig" heeft ons college een voorschot genomen op de door de gemeente gewenste ontwikkelrichting. Het volgende is hierover opgenomen: "Ontwikkeling van het Oosterduinse Meer door meer recreatie
aan de west- en zuidoever en aanwas van natuur aan de noord- en oostoever."

Zoals uit de beantwoording van vraag 1 kan worden opgemaakt, is elk type ontwikkeling, maar zeker een recreatieve ontwikkeling afhankelijk van het standpunt van Gedeputeerde Staten inzake het al dan niet hervatten van zandwinning. Er zijn ernstige twijfels over de combinatie van zandwinning en (veilig) recreatief medegebruik.

Vraag 3.
Wordt daarbij ook gedacht aan extra horeca-faciliteiten en/of recreatievaart?

Antwoord:
Zoals hiervoor toegelicht is er nog geen principeplan voor het gebied vastgesteld. Maar ons college sluit op voorhand niet uit dat horeca en/of pleziervaart onderdeel zouden kunnen zijn van een ontwikkeling.

Vraag 4.
Wordt daarbij ook gedacht aan herontwikkeling en/of renovatie van het Sollasi-terrein?

Antwoord:
Het bungalowpark Solassi valt buiten de omvang en strekking van de gesprekken met provincie en Xella in relatie tot het Oosterduinse Meer.

Vraag 5.
Zijn er inmiddels nadere afspraken gemaakt over de zandwinning?

Antwoord:
Zie beantwoording vraag 1.

Vraag 6.
Is er (tijdig) gebruik gemaakt van de door de provincie in het vooruitzicht gesteld subsidie van € 200.000? 

Antwoord:
Gelet op de feiten en omstandigheden zoals weergegeven bij de beantwoording van de vragen 1 en 2 waardoor de gemeente Noordwijk niet kon voldoen aan de gestelde voorwaarde dat het project Oosterduinse Meer in uitvoering moest zijn gebracht vóór 1 januari 2020, is het project van de lijst gehaald om andere projecten niet te blokkeren. De afspraak is evenwel dat het project later weer kan worden toegevoegd.

Vraag 7.
Welke maatregelen overweegt het college nog om te komen tot een verbetering van de waterkwaliteit en in het bijzonder de bestrijding van blauwalg?

Antwoord:
Wij voeren overleg met het Hoogheemraadschap van Rijnland over de waterkwaliteit, aangezien de verantwoordelijkheid bij hen ligt. Het onderzoek naar blauwalgenbestrijding met waterstofperoxide onder leiding van de Universiteit van Amsterdam (UvA) was een 4 jarige pilot en liep tot eind 2019. In dit onderzoek zijn meerdere plassen betrokken, waaronder het Oosterduinse Meer.

De resultaten van deze onderzoeken worden momenteel uitgewerkt. Daarnaast wordt gewerkt aan een praktische en specifieke uitwerking hiervan voor de waterbeheerders zoals het Hoogheemraadschap. Voorzien was dat deze documenten afgelopen voorjaar beschikbaar zouden komen én gepresenteerd op een hiervoor te organiseren symposium. Door corona is het symposium uitgesteld naar april 2021.

De UvA heeft toegezegd een samenvatting te maken die mogelijk dit jaar nog beschikbaar komt. Over de proef in het Oosterduinse Meer kan worden opgemerkt dat de resultaten zeer positief waren: bijna alle blauwalg was na enkele dagen verdwenen. Echter, er is sprake van een kortdurende werking van een aantal weken. Overigens is het gebruik van waterstofperoxide nu niet meer toegestaan.

Hiervoor moet eerst een toelatingsprocedure worden gevolgd bij het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb). Voor de pilot gold een proefontheffing. Overigens onderschrijft het Hoogheemraadschap de noodzaak om (structurele) maatregelen te treffen om blauwalg te bestrijden in het Oosterduinse Meer.

Hoogachtend,
Burgemeester en wethouders van Noordwijk.