Datum: 14-10-2019 - 10:37

Hoe ist? Ja bèst! 'De Avondblaardaagse'.

Dorpsgenoot 'Ruud' schrijft met regelmaat een column op BON met 'Een blik met een knipoog op het dagelijkse leven in Noordwijkerhout'. De al eerder verschenen columns kunt u teruglezen aan de linkerkant van het scherm bij uitgelicht. Vandaag weer een nieuwe: Hoe ist? Ja bèst!....

Hoe ist? Ja bèst! Een blik met een knipoog op het dagelijkse leven in Noordwijkerhout!

12-06-2015 - 'De Avondblaardaagse'.
Hij zucht, kreunt en steunt en z’n onophoudelijk geweeklaag doet inmiddels komisch aan. Jaap en ik lopen mee met de avondvierdaagse en we zijn op de eerste avond al een heel kwartier onderweg. Jaap is niet sportief, maar belofte maakt nu eenmaal schuld.

Belofte is misschien niet helemaal het juiste woord. Het gaat om een weddenschap die hij heeft verloren en nu lost hij z’n schuld af. Op z’n vraag of ik met hem mee wilde lopen, kon ik natuurlijk geen nee zeggen. Ik wilde dit wonder wel met eigen ogen aanschouwen, want Jaap gaat nog liever op z’n scooter naar de brievenbus dan dat hij loopt.

Hij heeft nog geprobeerd of hij weg kon komen met de 5 km, maar zijn vrouw was onverbiddelijk. Het was 4 x 10km en anders niets! Mismoedig schudt hij zijn hoofd en kijkt naar z’n afgetrapte werkschoenen. Twee krasse zeventigers op stevige bergschoenen en uitgerust met Nordic wandelstokken halen ons vrolijk in. ‘Tot straks,’ roepen ze uitbundig. ‘Ja, aan de beademing,’ mompelt Jaap zachtjes voor zich uit.

Ik geef hem een por en zeg dat hij ook een beetje van de omgeving moet genieten. Uiteindelijk leidt de route langs de mooiste plekken van onze gemeente. ‘Jij hebt nergens last van he?’, vraagt hij me achterdochtig. ‘Ik voel volgens mij de eerste blaren al,’ gaat hij zuchtend verder. Na een paar minuten komen we een bankje tegen. Jaap kijkt me bijna smekend aan, maar ik schud resoluut m’n hoofd.

Achter ons klinken opgewekte kinderstemmen en aanzwellend gezang dat snel dichterbij komt. In hoog tempo en met veel kabaal halen ze ons links en rechts in. Vrolijk zwaaiend en giechelend om hun eigen grapjes. Ik zwaai opgewekt terug, maar Jaap komt niet verder dan te vragen hoe lang we nog moeten. Ik schroef het tempo op en zeg ‘als we nu niet een beetje doorlopen, zijn we voor donker niet eens binnen.’ Mismoedig volgt hij met grote stappen.

‘Wat nu als ik morgen niet kan lopen van de blaren,’ klaagt Jaap achter me. “Talkpoeder in je sokken en gewoon verdergaan.’ Een verontwaardigde blik is z’n antwoord. We lopen een aantal kilometers zwijgzaam naast elkaar. ‘Waar heb je nu precies om gewed?’ vraag ik. Hij zwijgt even en kijkt me even vertwijfeld aan.

‘Ik heb met m’n vrouw gewed dat die bomen op het Dorpsplein nooit slachtoffer zouden worden van een politiek speekspel.........’

Hoe ist? Ja bèst, ik heb geen last van blaren.

RUUD