Datum: 24-10-2019 - 03:29

Hoe ist? Ja bèst! 'Nagels'.

Dorpsgenoot 'Ruud' schrijft met regelmaat een column op BON met 'Een blik met een knipoog op het dagelijkse leven in Noordwijkerhout'. De al eerder verschenen columns kunt u teruglezen aan de linkerkant van het scherm bij uitgelicht. Vandaag weer een nieuwe: Hoe ist? Ja bèst!....

Hoe ist? Ja bèst! Een blik met een knipoog op het dagelijkse leven in Noordwijkerhout!

02-05-2015 - Nagels.
De overheersende geur van de Hyacinthus Orientalis hangt als een dikke, bedwelmende walm in de auto.  Met de ramen geopend, maar toch nog vrolijk hallucinerend, zijn we op weg naar de witte kerk. Vandaag is de geboorte van ons eerste bloemen mozaïek.

De 24 kratten staan opgesteld achter het plateau, waarop het kunstwerk moet verrijzen. Een vriend had ons verzekerd dat je die paar bloemetjes in vier uurtjes wel had afgeritst en dat het dan slechts een koud kunstje was om de mallen te vullen. Zou het één van z’n flauwe geintjes zijn geweest of gewoon mijn onhandigheid? Na een uur was namelijk de bodem van de eerste krat nog steeds niet zichtbaar.

Een vriendelijke mede-mozaïek-bouwster vraagt belangstellend of die van ons ook zo taai zijn en snotterig worden bij het afritsen. Ik vertel haar dat ik dit nog nooit eerder heb gedaan, maar dat ik sowieso snotterig aan het worden ben van dit klusje. Ze kijkt me meewarig aan en wenst me veel succes.

Ben je ze aan het tellen? vraagt een stem achter me. De bouwvakker schudt lachend z’n hoofd en merkt heel wijs op dat ik nog wel een tijdje met dat klusje bezig zal zijn. Ik leg hem uit dat hulptroepen onderweg zijn en dat we met drie man heus wel voor donker klaar zijn. Een minzaam lachje is het antwoord.

11 uur later om 8 uur ’s avonds ontnagelen we uiteindelijk de laatste bloem. Mensen op het volle terras tegenover ons heffen spontaan het glas. Ik vraag me af of ze soms weddenschappen hebben afgesloten op het tijdstip waarop wij klaar zouden zijn of dat één van ons het zou opgeven. Met verkrampte handen en stijve benen begeven we ons huiswaarts. Nu maar hopen dat niemand vannacht onze kratjes omruilt.

De vroege ochtend kou deert ons niet. Met een duimstok en een krijtje tekenen mijn vrouw en ik het figuur uit op het houten plateau en gaan we aan de slag om de kartonnen mallen te prepareren. Het geluid van ons nietpistool overstemt de muziek uit de luidsprekers en nieuwsgierige toeristen schieten fanatiek foto’s. Het dorpsplein is getransformeerd tot een feestelijke bijenkorf.

Uiteindelijk is het dan zo ver. De mallen kunnen gevuld worden met verschillende kleuren hyacintnagels en ons kunstwerk wordt langzaam werkelijkheid. Vol trots en met geschaafde knieën staan we samen even stil bij dit gedenkwaardige moment. Het is tijd om de spullen op te ruimen en ons met een drankje op het terras te installeren. Natuurlijk met een goed uitzicht op ons eerste mozaïek.    

Naast ons zitten twee toeristen en ik hoor de vrouw zachtjes aan haar man vragen of het soms Hyacinten zijn die ze ruikt.

‘Ja hoor, dat kan bèst!’ antwoordt hij stiekem op ons wijzend.

RUUD