Datum: 05-04-2020 - 18:39

Column Egbert van der Weide 'Geduld'.

Blik Op Noordwijkerhout heeft een vast item toegevoegd aan de nieuwswebsite van, voor en over Noordwijkerhout en De Zilk. De redactie heeft dominee Egbert van der Weide bereid gevonden om zijn wekelijkse column ook beschikbaar te stellen voor op BON. Iedere week...

zal op woensdagmorgen zijn nieuwe column hier op BON te lezen zijn, wij wensen u veel leesplezier. Alle columns worden verzameld en zijn terug te lezen zijn via "uitgelicht" aan de linkerkant van het scherm of klik hier.

Column 07-01-2015 > 'Geduld'.
Wanneer u dit leest, zitten ze weer in hun doos, netjes in vloeipapier gewikkeld en voorzichtig neergelegd in de houtwol. Over 11 maanden mogen ze daar weer uit. Zoals elk jaar, een paar weken voor kerst. Er zit van alles in die doos, een hele menagerie en ook nog 5 andere mensen.

Os en ezel en herders worden direct neergezet en vormen met Jozef en Maria een devoot kringetje om de kribbe. Maar zij worden apart opgesteld, op afstand. Ze komen pas op het allerlaatst dichterbij, op hun feestdag: 6 januari, Driekoningen. Eigenlijk waren het wijzen, knappe geleerden, sterrenkundigen van beroep.

Door een paar Bijbelteksten met elkaar te verwarren werden het koningen, en door nog weer andere Bijbelteksten erbij te halen werd één van hen zelfs zwart. Oude legenden gaven hen namen: Caspar, Balthasar en Melchior. Vaak worden ze voor het gemak meteen neergezet onder de boom.

Maar dat kan natuurlijk niet. Ze horen pas op 6 januari te arriveren. Bij ons bivakkeren ze daarom een paar weken in het raamkozijn – aan de oostkant van het huis, uiteraard. Even hebben we deze kerst overwogen ook de beginafstand op schaal te doen – dan zouden we ze ergens bij de buren hebben moeten laten beginnen, om ze elke dag een stukje dichterbij te laten komen.

Los van het vele werk kleefden aan deze gedachtegang ook allerlei gevaren: ze zouden enkele nachten buiten moeten verblijven, en kon het gips daartegen? En ze zouden twee drukke garageopritten moeten passeren. Dan maar voor het raam. Daar hebben ze met engelengeduld staan wachten, popelend om hun cadeautjes te mogen geven.

En die zijn nog niet uitgepakt of heel het spul wordt weer opgeruimd. Wat betekent dat dit ultrakorte bezoek van de wijsheid? Is hun geduld voorbeeldig misschien? Bij alle haast die wij tentoonspreiden kunnen we zo’n voorbeeld goed gebruiken. Of is het juist de bedoeling dat we niet te lang talmen?

Met onze wijsheid bijvoorbeeld, of met wat wij maar te bieden hebben – aan het Kind, aan de wereld, jij aan mij en ik aan jou? Alleen wijzen weten het…