Datum: 25-09-2020 - 05:38

Column Egbert van der Weide: 'Huwelijksleed'.

Blik Op Noordwijkerhout heeft een vast item toegevoegd aan de nieuwswebsite van, voor en over Noordwijkerhout en De Zilk. De redactie heeft dominee Egbert van der Weide bereid gevonden om zijn wekelijkse column ook beschikbaar te stellen voor op BON. Iedere week...

zal op woensdagmorgen zijn nieuwe column hier op BON te lezen zijn, wij wensen u veel leesplezier. Alle columns worden verzameld en zijn terug te lezen zijn via "uitgelicht" aan de linkerkant van het scherm of klik hier.

Column 18-01-2017: 'Huwelijksleed'.
Henk wilde spruiten. Net voor ze naar de supermarkt ging, had hij dat gezegd. Hij vroeg er geregeld naar. Maar ze nam ze nooit mee. Ze dacht met afgrijzen aan de zompige groene kledders in staat van ontbinding die door haar moeder werden opgeschept toen ze kind was. Eén voor elk jaar.

‘Mijn moeder kon ze lekker koken’, zei Henk dan. Alles van z’n moeder was natuurlijk beter en leuker en lekkerder. Dat bemoeizuchtige schepsel had alle vooroordelen over schoonmoeders waargemaakt. Ooit had dat mens het bestaan in haar pannen te kijken en verschrikt te roepen bij het zien van de inhoud: ‘oh maar dat lust mijn Henkie niet!’ – alsof zij hem probeerde te vergiftigen.

Ze dacht aan haar eerste vriendje, Barend: die z’n moeder kon nog eens lekker koken! Laatst zag ze in de krant een foto van haar eerste verloofde, Aernout Jan. Ze had dikwijls met die dubbele naam en die rare ae gespot  – maar hij was nu gepensioneerd van de Hoge Raad. Wat verdiende die man wel niet? vast genoeg voor een eigen kok… En zij moest spruiten koken voor Henkie.

Ze zuchtte. Hij had ook nog eens de rare gewoonte om de kassabon na te kijken. Niet om haar te controleren, zo was hij niet. Nee, hij verheugde zich dan op alles wat-ie de komende week te eten kreeg. Want zelf koken deed hij ook al niet. Gelukkig maar, dacht ze: er zouden elke week twee keer spruiten op tafel staan. Maar wacht eens: die kassabon! Ze kreeg een idee. Met een zucht van opluchting legde ze een netje spruiten in het wagentje.

Henk had aan die kassabon genoeg: later in de week wist-ie echt niet meer wat daar gestaan had. Dan was hij de spruiten vergeten. En mocht-ie ernaar vragen, dan zou ze zeggen dat-ie ze al gehad had. Je hebt toch gezien dat ik ze gekocht heb? ’t Stond op de kassabon! Met een vilein lachje rekende ze af.

Bijna fluitend deed ze de boodschappen in de fietstassen – behalve de spruiten, die liet ze in het karretje liggen. Karretje weg, muntje gauw in de zak, en naar huis. Tot opeens die meneer uit de winkel haar achterna kwam: ‘mevrouw, u vergeet iets!’ En als een padvinder die een goede daad deed, stopte hij de spruiten in haar fietstas…   

EH van der Weide